60 jaar morele dupliciteit
Graag begonnen we deze tekst met de traditionele definitie van het woord 'asiel', dat in het Grieks oorspronkelijk heiligdom of toevluchtsoord betekende. In het oude Griekenland betrof het een tempel of altaar waar vluchtelingen onder bescherming van een godheid stonden en niet onder dwang mochten worden weggehaald. Best wel een schril contrast met de beelden van asielzoekers die we de laatste tijd op onze nieuwsdragers te zien krijgen, van mensen in kranen, universiteitsgebouwen, kerken, ga zo maar door. Allen zeer verscheiden van afkomst doch allemaal op zoek naar een plaats waar ze toch minstens even kunnen schuilen.
Mensen die overigens vaak op de vlucht zijn voor iets, van politieke vervolging, van religieuze discriminatie, van mensonterende armoede, intolerantie tout court. Mensen die in hun land van herkomst gebombardeerd werden met beelden van een welvarende toekomst in het 'Verlichte Westen'. Burgers vaak van landen die door de Westerse beleidsvoerders op de vingers getikt worden voor de manier waarop ze hun eigen onderdanen behandelen, beleidsvoerders die zich hierna als morele beschermengelen trots op de borst kunnen kloppen. Mensen die bij aankomst ontdekken dat het mooie verhaal dat hen voorgespiegeld werd niet altijd overeenkomt met de (zeker deze winter) koude realiteit van de schande die moderne migratie vaak is.
Niet dat ze geen rechten hebben overigens. Terwijl U dit leest vieren we immers zestig jaar Universele Verklarin
g van de Rechten van de Mens, een schitterend document dat de wereld ongetwijfeld ingrijpend heeft veranderd en dat van individuele rechten voor eenieder minstens een haalbare doelstelling heeft gemaakt, of dit althans toch in theorie. En over asiel zegt het ook wat, met name in zijn artikel 14 dat als volgt luidt: 'Eenieder heeft het recht in andere landen asiel te vragen en te genieten tegen vervolging'. Andere verdragen die daarop volgden, zoals het Vluchtelingenverdrag van 1951, hebben dit recht op asiel niet als zodanig bekrachtigd, maar beschermen vluchtelingen die het risico lopen op vervolging wel tegen terugzending naar hun land van afkomst (het fameuze 'non-refoulement' principe). Ook kennen ze (legale) vluchtelingen een heleboel rechten toe die hen op gelijke voet zouden moeten plaatsen met de eigen burgers van hun gastland (recht op toegang tot de arbeidsmarkt, sociale zekerheid, huisvesting,… ).
Doch in de term 'legaal' zit een angel verborgen. Want maar al te graag grijpen we de juridische verblijfssituatie van een asielzoeker aan om hem te registreren, op te sluiten en (desnoods gewelddadig) te repatriëren. En dat brengt ons meteen terug het uitgangspunt van ons verhaal: de universele mensenrechten. Want, zo luidt de redenering van onze Westers migratierecht, als een vluchteling een economische asielzoeker wordt, als hij of zij 'illegaal' in ons land verblijft, dan gelden de vluchtelingenconventies niet. Dan nemen we vingerafdrukken, sluiten we hem desnoods 18 maanden lang op in een gesloten instelling (variërend van gevangenis 'light' tot strafkamp zoals Woomera, dat ondertussen gesloten werd na onlusten en zware publieke druk) en deporteren we hem, in uiterste nood met boeien en een kussen voor de mond, terug naar elders.
Dit terwijl de beleidsmakers die deze maatregelen doorvoeren tezelfdertijd de universaliteit van mensenrechten - in de meest extreme gevallen manu militari - wensen te exporteren vanuit het Westen naar alle andere streken van de wereld. Op zijn minst een beetje dubbelzinnig als je weet dat minderjarigen hier langer opgesloten worden voor illegale migratie dan diefstal. Of als je kijkt in welke omstandigheden sommigen van hen moeten zien te overleven als ze het geluk hebben aan dergelijke situaties te ontsnappen.
Als overtuigd humanist, als sterk voorstander van mensenrechten, tekst en achterliggende gedachte, en als waar univeralist ben ik dan ook bedroefd dat we de 60e verjaardag van het UVRM moeten vieren voor de buis waar beelden van hongerstakingen, bezettingen en protest van deze groep van mensen schering en inslag zijn. Samen kunnen we hier iets aan doen. Als we ze niet allemaal een plek in onze samenleving kunnen geven, wat voor zich spreekt, dan kunnen we ze toch nog op zijn minst tijdens hun verblijf menswaardig opvangen, met respect voor hun elementaire rechten. De kinderen niet langer in gesloten centra steken. De toegang tot elementaire basisbehoeften voor hen vergemakkelijken. Hen met waardigheid en enkel waar écht nodig gedwongen (!) repatriëren. Een echt en waarachtig engagement aangaan om de situatie in hun land van herkomst zodanig te verbeteren dat ze hier geen geluk meer moeten komen zoeken. Zo'n beslissingen vergen misschien maar vijf minuten politieke moed, maar bovenal, een beter besef van morele eerlijkheid.
Sonja Eggerickx Voorzitter Unie Vrijzinnige Verenigingen
Dit opiniestuk verscheen in Knack.
(foto: Korean War - HD-SN-99-03136 van US Army Korea - IMCOM)