Euthanasiebeleid

Het is onaanvaardbaar dat men in de ziekenhuizen en zorgcentra bijkomende voorwaarden oplegt bij een verzoek tot euthanasie en soms zelfs weigert euthanasie toe te passen bij niet-terminale patiënten. De wet betreffende de euthanasie kwam tot stand na een grondig parlementair debat en legt heel wat zorgvuldigheidscriteria vast. Een arts heeft gewetensvrijheid en kan niet verplicht worden om euthanasie toe te passen. In dit geval zou hij echter moeten doorverwijzen naar een andere arts, wat echter vaak niet gebeurt. Het is schrijnend dat een lijdende mens door deze bijkomende opgelegde richtlijnen geconfronteerd wordt met extra voorwaarden, een weigering krijgt en niet weet tot wie hij zich moet richten. De opname van de doorverwijsplicht in de wet betreffende de euthanasie is dan ook aangewezen. Uit de drie rapporten van de Federale Controle- en Evaluatiecommissie Euthanasie blijkt dat er geen wildgroei van euthanasie ontstond en dat de artsen nauwgezet de wettelijke voorwaarden naleven. De artsen gaan op een ethisch verantwoorde wijze om met de vraag naar euthanasie zonder dat hier bijkomende procedures en voorwaarden zoals de palliatieve filter opgelegd dienen te worden. Uit recent onderzoek blijkt dat er na de euthanasiewet een daling is van het totaal aantal handelingen van levensbeëindiging en van het aantal levensbeëindigingen zonder het expliciete verzoek van de patiënt. Het kan niet dat zorginstellingen om godsdienstige redenen medisch-ethische beperkingen opleggen aan handelingen die gebeuren binnen de relatie tussen de individuele arts en de patiënt. De confrontatie met bijkomende voorwaarden en weigering betekent een aantasting van onze keuzevrijheid en zelfbeschikking en werkt discriminerend.

Sonja Eggerickx
Voorzitter Unie Vrijzinnige Verenigingen

Dit opiniestuk verscheen op de website www.erisgeengod.be

Vragen?

Wij beantwoorden met plezier al uw vragen