Home Opinies en Nieuws Archief Opiniestukken Het Burgerschap Als Middel Tegen Angst Voor De Andere Of Terugplooien Op Zichzelf

Het Burgerschap Als Middel Tegen Angst Voor De Andere Of Terugplooien Op Zichzelf

MEMODANDUM VAN DE UNIE VRIJZINNIGE VERENIGINGEN

Humanistisch-Vrijzinnige invulling van burgerschap

 De Unie Vrijzinnige Verenigingen pleit voor de uitbouw van een bewust, open, pluralistisch en actief burgerschap, dat gestalte moet krijgen door alle in ons land verblijvende personen, welke ook hun religieuze, levensbeschouwelijke of culturele invalshoek is.

De scheiding tussen Kerk en Staat en de neutraliteit van de overheid zijn fundamentele principes die de Unie hoog in het vaandel draagt. De aanhangers van de verschillende religies zijn het onderling vaak zo fundamenteel oneens, dat de overheid geen partij moet kiezen voor een geloof, maar voorwaarden moet scheppen opdat mensen in onderlinge vrede naar hun eigen geloof kunnen leven.

De Unie pleit voor een bewust en open burgerschap gebaseerd op ethische verbondenheid en gekenmerkt door openheid en verdraagzaamheid.

De Unie wijst op het onmiskenbare belang van de rol van gemeenschappelijke waarden in een bewust burgerschap. Ethische verbondenheid met de medemens kan leiden tot meer eenheid.
Deze uniformiteit mag echter niet de uitsluiting betekenen van de niet-gemeenschappelijke waarden.

De Unie wenst een burgerschap gebaseerd op: 

  • Eerbiediging van de rechten van de mens. 
  • De geseculariseerde rechtsstaat, die de grondwettelijke neutraliteit van de overheid, alsook de scheiding van kerk en staat strikt respecteert. 
  • Gelijkheid van alle burgers, die iedere burger zijn of haar individuele vrijheid verzekert. 
  • Vrijheid van alle burgers. 
  • Het recht van iedere burger om zich zelfstandig en evenwaardig te ontplooien. 
  • Vrijheid van meningsuiting. 
  • Vrijheid van religie of levensbeschouwing. Dit impliceert echter ook het aanvaarden van de Kerk-Staat verhouding. 
  • Vrijheid uiteraard steeds met respect voor de vrijheid van de ander en met de grenzen die daar aan gesteld zijn door de wet. 
  • Verdraagzaamheid.

De integratie als tweerichtingsverkeer impliceert het vreedzaam naast elkaar bestaan van levensbeschouwingen. Integristische of fundamentalistische opvattingen zijn onverenigbaar met de idee van verdraagzaamheid.

De Unie pleit voor een pluralistisch burgerschap in een democratische samenleving met democratische principes, regels en verworvenheden.

In een geseculariseerde, pluralistische, vrije en rechtvaardige democratie komen alle meningen aan bod binnen het kader van verworven individuele vrijheden en wettelijke bepalingen.
De burger biedt een bijdrage aan het publieke debat van onderuit en op democratische wijze worden waarden en normen ontwikkeld, die oriënterend zijn voor de samenleving en het individu.

De Unie pleit voor integratie en verwerpt zowel assimilatie als segregatie.
Enkel door integratie kunnen alle culturele en religieuze groepen beter samen functioneren.
Vertrekpunt is multiculturaliteit met het behoud van identiteit en wortels, wat trouwens dient als basis tot het bekomen van interculturaliteit. De Unie streeft naar cohabitatie, naar interactief samenleven.
De Unie ziet integratie als culturele verrijking en niet als culturele uitholling of vervlakking zodat de segregatie wordt tegengegaan en geen sociale noch ruimtelijke gettovorming ontstaat.

De Unie pleit voor een actief burgerschap gebaseerd op participatie en betrokkenheid waarbij ieder individu zijn/haar verantwoordelijkheid opneemt.

De Unie wijst op het belang van confrontatie. Een bewust en actief burgerschap kan enkel verkregen worden door het aanmoedigen van een voortdurend contact met de leden van de verschillende groepen onderling en t.o.v. elkaar. Enkel door conversatie met de andere in gelijkwaardigheid wordt verdraagzaamheid gestimuleerd. Bekend maakt bemind.

De Unie wenst een burgerschap gebaseerd op solidariteit en de bewuste verantwoordelijkheid van elke burger als drager van rechten en eveneens van plichten.

De Unie vraagt een maatschappelijke ontsluiting door het non-discriminatie- en het gelijkekansenbeleid verder te zetten. De overheid heeft als plicht kansarmen in de mogelijkheid te stellen een minimumlevensstandaard te halen om zo aan actief burgerschap te kunnen doen.

 

Dit bewust, actief, open en pluralistisch burgerschap wordt bevorderd via:

OVERHEID

De Unie wenst dat alle initiatieven die de overheid stimuleert, geënt zijn op een democratisch model.

De relatie tussen overheid en iedere burger moet helder, duidelijk en transparant zijn, zodat er een optimale bereikbaarheid van informatie van overheid naar burger kan plaatsvinden en omgekeerd. Dit kan door communicatietechnologieën (‘electronic voting’/’instant polling’), door duidelijk heldere beleidslijnen die zorgen voor een vermindering van onverschilligheid van burgers en door algemene en zeer gerichte sensibiliseringscampagnes. Deze laatste naar welbepaalde groepen, zoals naar scholen, bejaarden…
Om te komen tot een duurzame mentaliteitsverandering is een tweevoudige gerichte aanpak noodzakelijk. Enerzijds richt de bewustwording zich tot de diverse groepen en biedt de samenleving hun de kans zich te integreren met behoud van hun culturele en levensbeschouwelijke eigenheid in respect voor andere. Anderzijds moet de autochtone bevolking er voortdurend op attent worden gemaakt op welke wijze iedere cultuur, religie of levensbeschouwing onze samenleving cultureel, sociaal en economisch verrijkt.

De Unie pleit voor een toerustingsbeleid waarbij de zelfredzaamheid centraal staat.
De Unie pleit voor de realisatie van een inburgeringstraject voor iedere nieuwkomer.

De verdere uitbouw van het gelijkekansenbeleid acht de Unie opportuun. De overheid moet maatregelen nemen waardoor de integratie van werklozen, sociaal achtergestelden, kansarmen, mensen die een klein vervangingsinkomen genieten en van bejaarden bevorderd wordt.

Gezinnen moeten toegang krijgen tot de sociale huisvestingsprogramma’s. Wel moet een evenwicht in de toewijzing van panden worden gerespecteerd ten einde niet opnieuw in het gettosysteem te vervallen (cf. Nederland).
De afbouw van getto’s en van verkrotte en verpauperde wijken moet gepaard gaan met een gecoördineerd sociaal renovatiebeleid van deze buurten. Verkrotte woningen mogen niet langer verhuurd worden.

SOCIALISATIEPILAREN: MEDIA & ONDERWIJS

De Unie wijst op het belang van onderwijs en media als socialisatie instanties van burgerschap in een pluralistische maatschappij.

Opvoeding speelt een belangrijke rol in het doorgeven van tolerantie. Tolerantie kan aangemoedigd worden door van jongs af aan de confrontatie met andere ideeën en gedachten aan te moedigen. De levensbeschouwelijke vakken, en inzonderheid het vak niet-confessionele zedenleer dragen hiervoor hun steentje bij. De leerkrachten niet-confessionele zedenleer besteden hieraan veel tijd.

MEDIA

De massamedia hebben een integratiefunctie.

De beeldvorming in de media van autochtone en allochtone burgers, van iedere religieuze of levensbeschouwelijke strekking, moet volgens de Unie: 

  • het niet aan bod komen tegengaan. 
  • de ondervertegenwoordiging in aantal tegengaan. 
  • de vooroordelen tegengaan. 
  • het negatief discrimineren tegen gaan. 
  • niet systematisch hetzelfde noch louter stereotiep zijn. 
  • verruimd worden.

De Unie pleit ervoor dat zowel doelpubliek als de getoonde beeldvorming pluralistisch zijn.

Beeldopvoeding als bijsturingsinstrument van de beeldvorming moet bovendien worden gestimuleerd via onderwijs. 

ONDERWIJS

De Unie wenst een pluralistische invulling van onderwijs waarin alle culturen, religies en levensbeschouwingen aan bod komen en met elkaar in contact komen.

De Unie wenst een neutraal onderwijs, met een fundamentele scheiding tussen het geestelijke/levensbeschouwelijke en het wereldlijke.

Informatie verstrekken en een degelijke opleiding verzorgen zijn van cruciaal belang in het integratiebeleid. Twee probleemhaarden moeten worden onderscheiden: de concentratiescholen en de scholen met een overwegend autochtone bevolking.

Het niveau van het onderwijs in de concentratiescholen is bedroevend laag, waardoor de segregatie wordt versterkt. Een negatieve spiraal ontstaat. Het enige probate middel hiertegen is de verdere ontwikkeling van concentratiescholen tegengaan en de bestaande af te bouwen.
Demotivatie van leerkrachten moet worden aangepakt en nieuwe krachten aangetrokken. Veel aandacht moet worden geschonken aan het taalonderwijs. Motivatie van leerlingen, die een leerplicht hebben, moet worden ondersteund.

In de scholen met een overwegend autochtone bevolking valt de enorme leerachterstand van allochtone kinderen waar te nemen. Specifiek opgeleide leerkrachten die kunnen inspelen op de bijzondere aard van de schoolproblemen moeten worden aangeworven.
Er moet ook tijd worden besteed aan het onderwijzen van de cultuurpatronen, dit om een vertrouwensband te creëren tussen de verschillende leefgroepen.

Het pluralistische onderwijs moet gestimuleerd worden.
De Unie wenst een pluralistisch onderwijs waarin: 

  • leerlingen en studenten worden betrokken bij het bestuur. 
  • leerlingen en studenten een kritisch-constructieve houding worden bijgebracht. 
  • cultuur en sport op school aangevuld worden door externe sportclubactiviteiten.
  • interculturele pedagogische initiatieven moeten worden versterkt en aangemoedigd.
  • scholen de ouders van hun leerlingen aanmoedigen tot interesse voor studiekeuze van kind.
  • inspraak van ouders wordt gestimuleerd.
  • ouderbijeenkomsten worden gestimuleerd.
  • voorlichtingsessie’s/vorming voor leerkrachten m.b.t. andere culturen worden georganiseerd. 
  • leerkrachten stimuleren tot zelfwaarde en zelfstandigheid, tot een kritische geest en tot de gelijkwaardigheid van ieder individu. 
  • scholen pluralistische schoolprojecten, schoolactiviteiten, toneel organiseren. 
  • scholen pluralistische boeken, publicaties hanteren. 
  • scholen een pluralistische invulling geven aan hun lessen, bijvoorbeeld in muziekles, turnles, geschiedenisles… 
  • leerlingen en studenten worden aangemoedigd, gestimuleerd en geïnformeerd tot het maken van keuzes naar hun capaciteit, talent en persoonlijkheid. 
  • begeleidingsstructuren die de morele, culturele, sociale en economische integratie van iedere burger in de praktijk realiseren extra worden gesteund. 
  • aandacht besteed wordt aan zingevingsvragen bij jongeren en het aanleren van sociale vaardigheden. 
  • plaats is voor levensbeschouwelijke vakken, als bijdrage tot identiteitsvorming.

TEWERKSTELLING EN SOCIALE ZEKERHEID

De Unie pleit voor een burgerschap dat gefundeerd is op een behoorlijke sociaal-economische situatie voor iedere bevolkingsgroep.

Een voorwaarde voor integratie is de toegang tot tewerkstelling. Gerichte herscholingsprogramma’s en training in sociale vaardigheden kunnen de toegang tot de arbeidsmarkt vergemakkelijken.

VERENIGINGSLEVEN

De Unie pleit voor een versterkt pluralistisch en democratisch verenigingsleven.

Verenigingen die hun werking openstellen voor leden met een andere culturele, religieuze of levensbeschouwelijke achtergrond of op positieve wijze samenwerken met de leden met een andere culturele, religieuze of levensbeschouwelijke achtergrond of hun organisaties verdienen op bijzondere wijze te worden gesteund.

Belangrijk is het benadrukken van de overeenkomsten van ieder lid, ongeacht culturele, religieuze of levensbeschouwelijke achtergrond.
Daarnaast is de aanwezigheid van allochtonen en autochtonen samen in één en dezelfde organisatie cruciaal.

Inter-culturele ontmoetingen ter gelegenheid van culturele manifestaties moeten worden gestimuleerd.

De Unie pleit, m.b.t. jongeren, voor een uitbouw van de naschoolse opvang en het onder toezicht plaatsen van speeltuinen. De bestaande sport- en ontspanningsinfrastructuur dienen eveneens toegankelijk gemaakt te worden voor alle kinderen.


Prof.dr.Michel Magits
Voorzitter Unie Vrijzinnige Verenigingen
Brand Whitlocklaan 50
1200 Sint-Lambrechts-Woluwe

tel.: 02 / 735.81.92
fax: 02 / 735.81.66
e-mail: cmd.federaal@uvv.be

Bookmark and Share

Vragen?

Wij beantwoorden met plezier al uw vragen