Individuele burgers beschikken over een geweten, instellingen niet
In De Morgen van 2 december las ik dat de katholieke koepel Zorgnet Vlaanderen de vrijheid blijft opeisen om de euthanasiewet niet toe te passen. De keuze is echter niet aan de instelling maar aan het individu, in casu de arts en de patiënt.
De rechtsstaat en zijn implicaties
Wij leven in een rechtsstaat, dit houdt in dat de wetten die door het Parlement goedgekeurd zijn door alle Belgen moeten worden geëerbiedigd. Het is het recht van elke Belg wanneer hij niet akkoord gaat met de wetgeving om te ijveren een wet te wijzigen. In afwachting blijft de wet van kracht en toepasbaar. Eenzijdige persoonlijke aanpassingen, bijsturingen en implementatie ervan in het dagelijkse leven kunnen niet. Onze maatschappij zou trouwens niet langer ordelijk kunnen functioneren indien ieder van ons zijn eigen specifieke visie zou beleven in verband met een goedgekeurde wet waarmee hij niet akkoord gaat. Het is niet de bedoeling deze stelling te illustreren met de klassieke voorbeelden zoals verkeersregels en openbare orde.
Levensbeschouwing en ethische vrijheid
Onze Grondwet voorziet de vrijheid van levensbeschouwing mits een klein voorbehoud, namelijk het niet verstoren van de openbare orde bij de uitoefening ervan. Deze stelling impliceert dat er bij de uitoefening van een levensbeschouwing beperkingen zijn. De vrijheid is niet onbeperkt en kent haar grenzen namelijk de wettelijke bepalingen.
Euthanasie en abortus: een wettelijke verworvenheid
Het standpunt dat men als individu kan aannemen met betrekking tot het toepassen van euthanasie en abortus ligt zeer gevoelig en is ethisch-levensbeschouwelijk en persoonsgebonden. In een democratische pluralistische staat zoals de onze kan niemand gedwongen worden euthanasie of abortus te ondergaan of er als individu aan mee te werken, maar anderzijds bestaat ook de vrijheid om euthanasie en abortus te vragen en te krijgen. Deze vrijheid wordt onder bepaalde voorwaarden door de wetgever toegestaan. Individuele burgers beschikken over een geweten, instellingen niet.
Subsidiëring en persoonlijke vrijheid
Het vrije katholieke onderwijs moet zich houden aan de wettelijke bepalingen in verband met de onderwijsdecreten. Als tegenprestatie ontvangt het subsidies van de gemeenschap, deze kunnen echter in gedrang komen indien de decretale beschikkingen niet gevolgd worden. Wil men daarentegen over een volledige vrijheid van onderwijs beschikken dan vervalt men op eigen middelen en dient men af te zien van elke subsidiëring.
De stelling die geldt in het onderwijs is ook van toepassing op het beleven van de ethische levensbeschouwelijke vrijheid in andere sectoren van onze maatschappij. De algemene wetten moeten geëerbiedigd worden en de handelingen mogen niet in strijd zijn met de wet. Wie volledige vrijheid opeist voor zijn eigen ethische visie en zich bijgevolg boven de wet stelt, kan dit, maar dan met eigen middelen en zonder beroep te doen op gemeenschapsgelden.
Wie subsidies van de gemeenschap aanvaardt, zelfs eist, aanvaardt automatisch controle van deze gemeenschap over de aanwending van deze gelden en over de opvolging van de wettelijke bepalingen. Dit is het geval voor de katholieke zieken- en verzorgingshuizen. De controle op deze naleving is in handen van de bevoegde inspectie.
Keuzemogelijkheid voor de zorgwereld
Aan elk ziekenhuis wordt de keuzemogelijkheid geboden: ofwel verbinden zij er zich toe de euthanasie- en abortuswetgeving te eerbiedigen ofwel weigeren zij desbetreffende wetgeving toe te passen en opteren zij voor gewetensvrijheid. Deze vrijheid heeft een prijs: het al dan niet gesubsidieerd worden van de verzorgingsinstelling. Opteert men voor subsidiëring dan dient binnen de wettelijke bepalingen het recht op euthanasie en abortus in de instelling ook gegarandeerd te worden.
Luc Devuyst
erevoorzitter Unie Vrijzinnige Verenigingen