Onderwijs & pluralisme

De Vlaamse bisschoppen hebben in “Om te dienen. Brief van de bisschoppen over het katholiek onderwijs en christenen in het onderwijs” sterk uitgehaald naar tegenstanders van het katholiek onderwijs.

In een eerste deel over onderwijs en opvoeding als dienst beschouwen de bisschoppen onderwijs als een onvreemdbaar mensenrecht, dat ook toekomt aan kinderen van ouders, die hier nog niet legaal zijn ingeburgerd. De doorgang door het onderwijs zien de bisschoppen als “een enorm stuk leven” en daarom “moet het de zorg van alle betrokkenen zijn en blijven dat de school een goede leefwereld is en blijft”, en “zo moeten het kind en de jongere op school samenleven”.

Als vrijzinnigen ondersteunen we geheel deze bedenkingen en maken ze tot de onze.

Over deel twee “Katholiek onderwijs” wensen we ons niet uit te spreken, daar de bisschoppen vrij zijn onderwijs, gestoeld op de principes van de Rooms-katholieke godsdienst, te organiseren.

In het derde deel, waarin de bisschoppen zich ergeren over de aanvallen op het katholiek onderwijs, stellen de Vlaamse bisschoppen dat zij “het sociaal nut niet inzien van een uniform pluralistisch onderwijs” en “pleiten zij “nadrukkelijk en vurig voor het behoud van een waarlijk vrij onderwijs, gebaseerd op een geprofileerde levensbeschouwing”, wat “beter beantwoordt aan het ideaal van een echt maatschappelijk pluralisme”.

Een dergelijk onbegrip voor een reëel pluralisme en deze hautaine houding, geïnspireerd door een machtspositie binnen het onderwijs, laten ons perplex en noodzaken tot enige reactie.

Een dergelijke afwijzing van samenwerken met andere gezindten hebben we enige maanden geleden ervaren, toen de christelijke kerken ons verzoek om gezamenlijke standpunten in te nemen over belangrijke maatschappelijke problemen afwezen. We hopen dat onze bisschoppen wat geleerd hebben uit de toespraak van priester Gilbert bij het prinselijk huwelijk.

Een waarlijk vrij onderwijs, gebaseerd op een geprofileerde levensbeschouwing, in dit geval de christelijke en katholieke waarden, biedt slechts een beperkt zicht op een multiculturele samenleving. Het is niet door te werken vanuit een éénzijdige godsdienstige visie, welke dat ook mag zijn, dat jongeren klaargestoomd worden voor een leven in een pluralistische maatschappij. Het is eerder door hen van kindsbeen af te laten kennis maken met de bestaande waaier aan erkende levensbeschouwingen en godsdiensten dat zij een brede kijk op een pluralistische maatschappij kunnen ontwikkelen en respect zullen en kunnen opbrengen voor de verschillende levensovertuigingen.

Wanneer we deze elementen weerspiegelen in het huidige onderwijslandschap, vinden we ze duidelijk terug in het bestaande gemeenschapsonderwijs. Dit onderwijs biedt een pedagogisch project aan, steunend op veelzijdige levensbeschouwingen, waarbij ook de algemene vakken op een neutrale manier onderwezen worden, wat niet kan gezegd worden van het katholiek onderwijs. Dat een onderwijs, gebaseerd op een éénzijdige katholieke opvoeding niet leidt tot tolerantie en respect voor andere waarden, blijkt uit de wijze waarop de euthanasiewet werd onthaald in ziekenhuizen van katholieke strekking. De druk van Caritas om artsen ertoe te bewegen geen gevolg te geven aan een vraag naar euthanasie is een levend bewijs dat vele katholieken een probleem hebben met het aanvaarden van andermans levensovertuiging.

Wij pleiten derhalve voor een pluralistisch, kwalitatief hoogstaand onderwijs. Het is niet onze bedoeling om iedere overtuiging een eigen onderwijs toe te dichten. Een vrijzinnige school is voor ons niet nodig, maar wel een pluralistische school, waarbij verschillende culturen en levensovertuigingen naast elkaar op de schoolbanken zitten, waarbij respect voor elkaar heerst en waar naast elkaar en met elkaar kan samengeleefd worden.

In deze pluralistische school wordt elke erkende levensbeschouwing en eredienst als een keuzevak aan de leerlingen aangeboden, dit met respect voor een eigen identiteit. Wij benadrukken het belang van het aanbieden van een keuzevak als niet-confessionele zedenleer en leggen daarbij het accent op een actief engagement. In de cursus niet-confessionele zedenleer vertrekt de leerkracht vanuit een vrijzinnig-humanistische mensvisie waarbij de menselijke eindigheid, de wens tot inzicht, de gelijkwaardigheid en de rechten van de mens als uitgangspunt gehanteerd worden. Via dit opvoedingsproject wordt aan de leerlingen een waardekader meegegeven van verdraagzaamheid, solidariteit, openheid en kritische geest. Kinderen worden m.a.w. opgevoed tot zelfstandig denkende mensen, wat perfect past binnen het kader van vrij onderzoek. Dit in tegenstelling tot gelovigen, die duidelijk een ander perspectief voor ogen hebben. Zij beklemtonen dat er een andere –goddelijke- instantie is, die meer vastheid geeft aan de moraal en die richting geeft aan het leven.

Als vrijzinnig-humanisten zijn we tevens voorstander om een grotere financiering van het onderwijs afhankelijk te maken van een pluralistisch pedagogisch project, zodat iedere leerling binnen zijn regio het onderwijs van zijn keuze kan volgen. Wij vragen niet dat het katholieke onderwijs niet-confessionele zedenleer aanbiedt. Wij respecteren, zoals reeds eerder gezegd, de vrijheid van onderwijs. En al wie een pedagogisch onderwijs wil verstrekken en daarbij aan de wettelijke eisen voldoet, mag dat van ons. De essentiële vraag hierbij is of de overheid elk onderwijs financieel moet dragen? Voor wat sommige vrije scholen betreft, die de facto een uitsluitingsbeleid hanteren, de zogenaamde elitescholen, kunnen we duidelijk zijn: nee, de overheid moet dit niet financieren, want in dit systeem worden bepaalde mensen uitgesloten, zij het op basis van intellectualiteit, van een sociaal-economisch verschil, … Wanneer de financiering van het onderwijs echter afhankelijk gemaakt wordt van een pluralistisch pedagogisch project, waarbij scholen hun eigen klemtonen kunnen leggen en uitgangspunten bezigen, en daarbij tevens de pluralistische samenleving eerbiedigen, dan zijn wij wel voorstander van subsidiëring.

Het mag duidelijk zijn dat we in een pluralistische maatschappij leven, waarbij aan alle levensbeschouwingen ruimte moet gegeven worden. Door het oprichten van een pluralistische school, doet men aan netoverschrijding, netvervaging, … en gaat men over tot ontzuiling van het onderwijs. Onderwijs gesteund op één levensbeschouwing of godsdienst blijft eenzijdig en bereidt het kind niet voor op een multiforme samenleving.

Als vrijzinnig humanisten kiezen we daarentegen voor een onderwijs waar iedereen terecht kan en waar de leerling kan kiezen voor het ‘keuzevak’ van zijn keuze.

Prof. Dr. Michel Magits
Voorzitter Unie Vrijzinnige Verenigingen

Bookmark and Share

Vragen?

Wij beantwoorden met plezier al uw vragen