Wereld Aids Dag 2010
In 2000 ondertekenden alle staatshoofden en regeringsleiders van de lidstaten van de Verenigde Naties unaniem de Millenniumverklaring. Eén van de doelstellingen is om tegen 2015 de verspreiding van hiv/aids te stoppen en te zorgen dat de hiv-besmette mensen de juiste medicijnen krijgen.
Wereldwijd daalt het aantal aidsdoden en hiv-besmettingen. In bepaalde landen namen de besmettingen af na preventiecampagnes. De aidsremmers spelen ook een belangrijker rol. Toch stijgen in sommige streken van Oost-Europa en Centraal-Azië het aantal besmettingen. Volgens de recentste cijfers van UNAIDS zijn 33,3 miljoen burgers besmet met het hiv-virus. Ruim 22 miljoen wonen in Afrika. In 2009 kregen 5,2 miljoen hiv-besmette patiënten, die dringend medicatie nodig hebben, aidsremmers. Bijna het dubbele of ongeveer 10 miljoen kregen nog geen medicatie. Tegen 2015 moet honderd procent van de patiënten aidsremmers krijgen.
In 2010 leverde de herfinanciering van het Wereldfonds voor aids, tuberculose en malaria minder dan 13 miljard dollar op in de plaats van de gewenste 20 miljard. Dit heeft als gevolg dat in de ontwikkelingslanden heel wat mensen de broodnodige en betaalbare levensreddende medicijnen niet zullen krijgen en zullen overlijden.
Solidariteit mag geen grenzen kennen. In onze Belgische ontwikkelingssamenwerking met partnerlanden moeten er meer middelen komen voor het omgaan met hiv en aids. Preventieprogramma’s moeten verder uitgewerkt worden. Er heersen nog te veel taboes en bepaalde groepen worden nog steeds gediscrimineerd. Betaalbare aidsremmers moeten voor iedereen zo snel mogelijk toegankelijk worden. In de ganse wereld blijft aids, met twee miljoen doden per jaar, één van de voornaamste doodsoorzaken. Minder middelen ter beschikking stellen, zal negatieve gevolgen hebben voor het reeds gevoerde preventiebeleid. Door de medicatie wordt het immuunsysteem van de zieke hersteld en wordt de kans op overdracht van hiv kleiner. Zo neemt bijvoorbeeld de kans af dat zwangere vrouwen het virus op hun kinderen overdragen. Het recht op een menswaardig leven of zelfs overleven mag niet afhangen van het werelddeel waar men geboren wordt of van de financiële middelen waarover men beschikt.
In ons land dalen de cijfers niet. Vorig jaar kregen 1.135 mensen, of bijna drie per dag, de diagnose van hiv-besmetting. Ook zij worden nog steeds geconfronteerd met stigmatisering, discriminatie, uitsluiting en onbegrip. Verdere preventie blijft levensnoodzakelijk. De inzet van meer middelen en de coördinatie van het gevoerde beleid en de werking in ons land is wenselijk. De aanstelling van een Belgische aidscommissaris, zoals prof. dr. Marleen Temmerman van de UGent en dr. Steven Callens van het aidsreferentiecentrum Gent voorstellen, is een mogelijke piste. Onze solidariteit met de seropositieven en aidspatiënten mag zich niet beperken tot 1 december en tot ons land. Alle mensen, waar ook ter wereld, hebben recht op een menswaardig leven en een aangepaste gezondheidszorg. Dit is een fundamenteel mensenrecht. De financiële crisis mag geen alibi vormen om te bezuinigen op het aidsbeleid, zowel nationaal als internationaal.
Sonja Eggerickx
voorzitter Unie Vrijzinnige Verenigingen
Dit opiniestuk werd op 1 december opgenomen in De Morgen.